verklaring van de straatnamen:

Noorderplantsoen: Tussen 1879 en 1882 worden de oude vestinggronden, met daarin de bolwerken Reitdieps-, Kruid/t-, Jats- en Boteringedwinger, vergraven tot plantsoen. Rond 1920 komt er nog een deel bij buiten de vroegere vestinggracht, maar dit deel met de ‘speelweide’ hoort strikt genomen tot de Oranjebuurt. Hoewel ook de naam Noorderpark aanvankelijk wel wordt gebruikt, overheerst spoedig het gebruik van de naam Noorderplantsoen en wordt het Sterrebos zelfs wel eens het Zuiderplantsoen genoemd.

Noordersingel/ Lelie-, Kruis- en Boteringesingel: De weg door het plantsoen wordt in februari 1881 door de gemeenteraad de Noordersingel gedoopt, maar al in april 1882 wordt door diezelfde raad besloten de singel in drieën te knippen. Tussen de Plantsoenbrug en de Kerklaan wordt het dan de Leliesingel, genoemd naar de straat die er in het midden op uit komt. Tussen de Kerklaan en de Nw. Boteringestraat wordt het de Kruissingel, naar de voormalige Kruiddwinger. Het deel tussen Nw. Boteringe- en Ebbingestraat wordt genoemd naar de oude Boteringedwinger, de Boteringesingel. De laatste is de enige waaraan woningen worden gebouwd.

 

 
Stadsmonumentenbord:
 
De vesting en het Sikkenspoortje

Nadat de stad tussen 1607 en 1612 al vijf nieuwe bolwerken aan de zuidkant had gekregen, ontwikkelde het stadsbestuur het plan voor een grote gebiedsuitbreiding naar het noorden. Prins Maurits zag dit wel zitten omdat een ‘grote uitleg’ ruimte bood aan een flink garnizoen en Groningen zo kon helpen een eventuele Deense aanval af te slaan.

In de zomer van 1614 lag er een Haags fortificatieplan, waarvoor de Groninger ’glasemaker’ – en latere stadbouwmeester – Garwer Pieters een bestek maakt. Hoewel de Ommelanders de ‘uitleg’ veel te fors (te duur) vonden, besloten de Stadjers op 25 maart 1615 toch tot ‘de fortificatie op de grote form end plante’.

De nieuwe Groningse vesting werd gebouwd volgens principes die theoreticus Simon Stevin en ingenieur Adriaen Anthonisz. uit een Italiaans vestingsysteem hadden ontwikkeld. Groningen kreeg in totaal zeventien bolwerken of dwingers met tussenliggende ‘courtines’. Het huidige Noorderplantsoen heeft de Reitdieps-, Kruid-, Jats- en Boteringdwinger als basis. De vesting bestond uit een brede gracht, een hoofd- en een onderwal met daartussen een sluippad, dat kon worden bereikt via ‘sorties’. Tussen de Reitdieps- en Kruiddwinger zijn de hoofdwal en ‘sortie’ nog herkenbaar.

In 1736 werd deze ‘sortie’ opslagplaats voor touwslager Andries Pieters. Hij mocht van burgemeesters en raad ‘beneden de stadwal’ een lijnbaan aanleggen en gebruikte de ‘mijn’ om er zijn teertonnen op te slaan. In 1792 werd hetzelfde poortje gehuurd door verfhandelaar Wiert Willemszoon Sikkens. Hij ging er lak stoken en de ‘sortie’ kreeg daardoor in de volksmond de naam Sikkenspoortje. Het poortje bleef als lakstokerij in gebruik tot 1869, toen het bedrijf verhuisde naar de Zwarteweg.

Vermoedelijk werd de oostelijke toegang van de ‘sortie’ dichtgemaakt toen dit stuk vesting in 1881-’82 tot plantsoen werd gemaakt. De ‘sortie’ werd nog tot circa 1965 door de plantsoenendienst gebruikt als opslagplaats. Daarna verdween ook de westelijke toegang onder grond. Bij de renovatie van het Noorderplantsoen werd de voormalige ‘sortie’ weer tevoorschijn gehaald om te gaan dienen als onderkomen voor vleermuizen.

 

Reitsdiepsdwinger

E 496 (werkplaats), 1853: E 865 tm E 873 (hutten en werkpl.), 1874: E 1560 tm 1569 (hutten, water en erven), 1880: E 1767 (vestinggrond)

1832 (art. 1813/7225/10186): Min./Departement van Oorlog. In 1853: E 865 tm 872 (=hutten) en 873 (=werkpl.).

In 1874 wordt een aantal mandenmakers mede-eigenaar van de hutten:

E 1560 en E 1569: Evert van Denderen (art. 10082); E 1561 en E 1565: Gerrit v.d. Kolk (art. 10079); E 1562, 1563, 1567 en 1568: Johannes Kasper Schultz (art. 10122); E 1564: Martinus Molenkamp (art. 10081): E 1566: Jan Fokkens (art. 10188). Zie Hulpkaart kadaster 1874:

Reitdiepsdwinger op Hulpkaart kadaster 1874

1879 (art. 8210): gem. Groningen. In 1879 afgebroken en in 1880 verenigd tot E 1767= vestinggrond

 

Kruid(Kruit)dwinger

E 309 tm E 313 (=kamerwoningen), E 314 (=tuin achter huisjes), 1879: E 1745

1836 (art. 257): Johannes Borgesius. Hij bezit in totaal 15 percelen in de Hortusbuurt: verder E 309 tm 314 en E 403 tm 406 (Hij woonde Gr. Rozenstr. – oude nr. 31).

1845 (art. 4620): Wolter Janssen (wever)

1867 (art. 8478): Staat der Nederlanden en Wolter Janssen (+1879), daarna wed. Pietertje Koning

1879 (art. 10150.113): De Staat. In 1879 afbraak, daarna ‘erf’: E 1745

Hulpkaart kadaster 1879

1879 (art. 8210.294): gem. Groningen

 

E 315 (=tuin), E 316(=huis) en E 320(=koornmolen)

1832 (art. 1976): wed. Theodorus Reisiger

1832 (art. 2141): Hindrik Schulenberg (broodbakker)

1833 (art. 3793): Eefke Evenhuis (koemelkersche) (wed. Everdina van der Klei, hertr: G.L. de Wit)

1858 (art. 6679): Willem van der Klei (koemelker)

1867 (art. 8482): De Staat der Ned. en Willem v.d. Klei

1867 (art. 8573): De Staat der Ned. en Harmannus Gerhardus Bernardus Naber (rentenier)

1879 (art. 10150.113): gem. Groningen

 

E 317 (=tuin) en E 318 (=huis en tuin)

1832 (art. 1186): Hinderk Jansen (molenaar) (zie ook Nw. Kijk in ’t Jatstraat 66)

E 317: 1858 (art. 6680): Willem van der Klei (koemelker)

E 318: 1860 (art. 6679): Willem van der Klei (koemelker)

1867 (art. 8482): De Staat der Ned. en Willem v.d. Klei

1867 (art. 8573): De Staat der Ned. en Harmannus Gerhardus Bernardus Naber (rentenier)

In 1879 afgebroken

1879 (art. 10150.113): gem. Groningen

 

E 319 (huis en erf), 1853: E 862

1832 (art. 580): Bernardus Dopheide (timmerm.) In 1853 deel naar mil. gronden, rest E 862

1858 (art. 4752/7419): Jan Joostens Imelman (blikslager)

1870 (art. 8626): Wycher Bussemaker (tafelhouder)

1872 (art. 8749): Diederik Jansen (timmerman)

1880 (art. 8211): gem. Groningen

 

E 320 (koornmolen: ‘het (oude) Reythok’), 1833: E 621

1746: molenaar Egbert Arents (‘in de Kruys Dwenger’)

1829: molenaar Heerke van der Wal

i.e.g. 1829/1832 (art. 1976): Antje Pieters van Weperen (+1859), wed. Theodorus Reisiger (molenaar, +1823). In 1833 brand en slooping, wordt met E 619: E 621

Hulpkaart kadaster 1834

1833 (art. 2813):  Depart. van Oorlog.

Zie verder 15. Grote Kruisstraat, enz

 

Jatsdwinger

(tot 1822: -, 1822-’70: L 318): E 218 (=kruidmagazijn), 1880: dl. F 1795 (=vestinggrond)

1832 (art. 1813/2813/7144/10185): Ministerie/Departement van Oorlog

1880 (art. 8210.296 daarna 316): gem. Groningen. In 1880 afgebroken en verenigd met vestinggrond: F 1795

 

Boteringedwinger

F 596 (=gragt en vestingwerken) en F 597 (=kruidmagazijn), 1880: F 1356-F 1357, o.a. 1881: F 1359, 1883: 1412 tm 1418

1832: (art. 1813/2813/7144/10185): Ministerie/Departement van Oorlog

1880 (art. 8210): gem. Groningen: vestinggrond. Zie verder bij Boteringesingel (zie onder)

 

Stadsmonumentenbord:

Het Noorderplantsoen

Omdat de hoeveelheid plantsoen in de gemeente ‘uiterst schaarsch’ was, mocht stadsarchitect J.G. van Beusekom daar in 1879-’80 iets aan doen. Hij toverde het vestingvak tussen Moesstraat en Kerklaan om in een park in Engelse landschapsstijl. De opzichter der plantsoenen Ph. van Harreveld kreeg in het najaar van ’81 de opdracht met de Boteringedwinger hetzelfde te doen. En omdat de houthandel zijn aanvankelijk belangstelling voor het stuk vesting tussen de Kerklaan en het Reitdiep liet varen, kon de Utrechtse landschapsarchitect H. Copijn daar aan de slag. Het laatste stuk plantsoen – met speelweide – kwam rond 1920 tot stand met de aanleg van de Oranjebuurt.

‘Met het oog op de mogelijke beschadiging van het plantsoen’ waren openbare muziekuitvoeringen aanvankelijk uit den boze. Maar toen het plantsoen in 1902 bij een proef ‘niet in het minst’ beschadigd bleek, mochten er voortaan concerten worden gehouden. De zondagse zomerconcerten waren zo’n succes dat de verplaatsbare muziektent in 1905 werd vervangen door een vaste. De directeur gemeentewerken J.A. Mulock Houwer maakte een ontwerp in de toen populaire Vernieuwingsstijl.

Melkinrichting Vredewold bouwde omstreeks 1908 ter vervanging van een houten kiosk een stenen ‘melksalon’. In 1927 ontwierp stadsbouwmeester S.J. Bouma voor de toenmalige huurder Brouwerij d’Oranjeboom een paviljoen. Hij liet zich inspireren door de bekende Rotterdamse avant-garde architect J.J.P. Oud. Bouma gaf het paviljoen een kern van tegen elkaar gezette blokken met daarop geometrische reliëfs. Door de rondgaande serre op het zuiden te oriënteren, konden bezoekers genieten van zowel de vijver als de zon.

In 1967 werd de Nassaulaan in het plantsoen voor autoverkeer afgesloten. Spoedig gingen er stemmen op om met de singels hetzelfde te doen, maar pas in 1993 kwam het tot een proefafsluiting. Op 5 oktober van het volgende jaar werd door middel van een referendum besloten tot een definitieve afsluiting. Aansluitend onderging het hele plantsoen een ingrijpende restauratie. Hierbij werden onder meer zichtlijnen hersteld, die rekening houden met de verschillen in bloeiperiode en kleur van de heester, struiken en bomen.

Kadasterkaart 1883 met Kruis- en Leliesingel

Kadasterkaart 1887 met Leliesingel

 
Kruissingel  nr. 1

dl. E 2010, 1901: E 2261, 1904: E 2351, 1957: E 3251

(art. 13354/ 13364/17475/19578.383/26088.868/30600.1397): gem. Groningen

Kruissingel op kadasterkaart 1901 met de kiosk bij de vijver

De houten kiosk (collectie Gr. Arch.)

Melkinrichting Vredewold bouwde ca.1908 ter vervanging van houten kiosk een stenen ‘melksalon’.

De ‘melksalon’ van Melkinrichting Vredewold (eigen collectie)

In 1927 ontwierp stadsbouwmeester S.J. Bouma voor de toenmalige huurder Brouwerij d’Oranjeboom een paviljoen (avant-garde architect J.J.P. Oud)

1930: Paviljoen d’Oranjeboom (Berend Westhof) (Door de Duitse sympathieën van Westhof werd het paviljoen in de oorlog veel door Duitsers bezocht en werd het bij Nederlanders minder populair; bron: G. Brouwer)

1954 (art. 39286): gem. Groningen en Antonius Jozef de Vries (kellner)

1954: Paviljoen/restaurant Rotonde (A.J. de Vries; eig.: M.J.P. Jintes) (bron: G. Brouwer)

1956 (art. 40136): gem. Groningen en Mense Jacobus Philippus Jintes (*1906, kruidenier, x Gezina Venema). Wordt in 1957 van kiosk (E 2351): paviljoen (E 3251)

1956 tm ’68: Paviljoen/restaurant, later Cafe Rotonde (M.J.P. Jintes). In 1971/’72 opheffing, daarna jaar leegstand (bron: G. Brouwer)

1972 (art. 50318): gem. Groningen en Harmannus Roggen (*1921, koopman, x Afra Maria de Ruijter)

bron: G. Brouwer:

1972: Rotisserie La Bâfre

1981 en ‘82: De Rotonde (in ’82: R.E. Engelkamp)

1985: Rotisserie Rotonde (B. de Graaf en gebr. Plaggemars)

1985: Visrestaurant De Twee Gebroeders (Cees en Dolf Plaggemars)

Nieuwsblad van het Noorden, 27-7-1985

1993: Pizzeria Mutalbano

1994: Rest. Jantje Zag Eens Pruimen Hangen (E. & M. Robberse)

2013: Cafe-rest. Flinders

2015: Paviljoen Zondag (H. Moerkerk en S. Reeskamp)

 

Kruissingel  – geen nr.

dl. E 2010, 1901: dl. E 2260, 1904: dl. E 2350, 1957: dl. E 3250

(art. 13354/ 13364/17475/19578.382/26088.867/30600.404 later 7084): gem. Groningen

Muziekkoepel en Noorderplantsoen:

Openbare muziekuitvoeringen waren ‘met het oog op de mogelijke beschadiging van het plantsoen’ aanvankelijk uit den boze. Maar toen het plantsoen in 1902 bij een proef  ‘niet in het minst’ beschadigd bleek, mochten er voortaan concerten worden gehouden. De zondagse zomerconcerten waren zo’n succes dat de verplaatsbare muziektent in 1905 werd vervangen door een vaste, naar ontwerp van J.A. Mulock Houwer in zogeheten Vernieuwingsstijl.

De ‘muziektempel’ in 1906 op een prentbriefkaart uitgegeven door de firma  Trenkler in Leipzig. (coll. Gr. Arch.)

 

Boteringesingel  – geen nr.

1883: F 1414, 1415 en 1417 (=scholen)

1880 (art. 8210): gem. Groningen: vestinggrond. In 1882-’83 stichting scholen: F 1414, F 1415 (zie sectie F, 1883) en 1417.

NB: Het kruidmagazijn, F 597, wordt na het afbranden van de ‘ambachtsschool’ (een schuur aan het begin van het Boterdiep) in 1879 gevestigd in dit gebouw en uitgebreid, waarna het in 1883 F 1417 wordt. In 1887 wordt het afgebroken, omdat er aan de Noorderbinnensingel inmiddels een nieuwe school is (zie daar). F 1417 wordt dan met F 1418 (=plantsoen) verenigd tot F 1548 = plantsoen

 

Uit boek ‘400 jaar Niewe Stadt’:

Een ander deel van de wijk met een concentratie aan scholen is de strook tussen de Noorderbinnen- en Boteringesingel. De vergraven Boteringedwinger biedt voldoende ruimte en in 1882 begint het met de bouw van twee gemeentelijke lagere scholen door directeur Gemeentewerken Arie Schram de Jong. De oostelijke wordt een ‘Hulpschool’ en de westelijke een ‘school der 2e klasse’, het nog bestaande Boteringesingel 14. In 1897 wordt de Hulpschool ‘gegeven’ aan de ‘Vereeniging van Industriëlen en Werkbazen ter bevordering van Ambachtsonderwijs’, die ermee de snel groeiende en naastgelegen Ambachtsschool kan uitbreiden.

 

Kadasterkaart 1883 met nieuwe scholen F 1415 (huidige nr. 14) en daarboven F 1414 (maakte plaats voor nrs. 11 tm 13, zie daar). Verder ten noorden van de Boteringesingel nog een derde school, F 1417, op de plek van het vroegere kruidmagazijn. Deze school wordt in 1887 alweer afgebroken.

 

Vervolg uit boek ‘400 jaar Niewe Stadt’:

De overheveling van de Hulpschool is in 1897 mogelijk omdat in dat jaar een nieuwe lagere school in gebruik wordt genomen op de hoek met de Nieuwe Boteringestraat. In dit gebouw wordt een ‘school der 1e klasse’ gevestigd (=oude nr. 15, zie onder).

Detail kadasterkaart sectie F met alle schoolgebouwen tussen Noorderbinnen- en Boteringesingel, 1909

De Boteringesingel in 1924 met de achterkant van de Ambachtsschool vlak voor de afbraak (foto P.B. Kramer, coll. Gr. Arch.)

 


Boteringesingel nrs. 1 tm 6

1930: F 2632 (ontstaat uit F 1412, 1805=Noorderbinnensingel, en delen F 2015 en 2016)

In 1930-‘31 geheel gebouwd door A.J. Feberwee, zie hieronder nrs. 1 tm 6

Het door Feberwee gebouwde blok

Boteringesingel nr. 1-1a/ Nw. Ebbingestraat- nr. 108

1881: F 1359, 1883: F 1412= stal en erf/remise, 1931: F 2678, 1981: F 3040 en 3041

(art. 8210.318): Gem. Groningen

1881 (art. 11964): Société anonyme des Tramways de Groningue et de la Province, later gem. Groningen. In 1888 herbouw, daarna remise.

1906 (art. 17475.591/19578.399/26088.906): gem. Groningen. Van 1910 tot ’24 in gebruik ‘Veilingsvereeniging Eendracht’.

Adresb. 1924: Groenteveilingsgebouw ‘Eendracht’; daarna Auto-Garage (zie oa NvhN 3-2-1925)

Adresb. 1928/1929: Autobergplaats

In 1930 gesplitst. In 1930-‘31 gebouwd door A.J. Feberwee

1931 (art. 30137): Abraham Gerbers, later 6 knd. Gerbers (woont er)

Adresb. 1933: 1: H. Hardenberg; 1a: W. Willemse (machinist), mej. P. Ruis (directrice)

Adresb. 1938: 1: wed. A. Knol-Helder; 1a: J. Gerbers, insp. Lev.verz.

Adresb. 1950-’51 tm i.e.g. ’64: 1: A. Gerbers (in ’64 ook: mej. R.M. Datema, huish.); 1a: B.M. Ham, Insp. Levensverz. Mij. ‘Nillmij’

1968 (art. 39320): William Renkema (electrotechn.), later wed. Trientje v.d. Veen en dch. Renkema

Adresb. 1968: 1: mej. R.M. Datema, huishoudst.; B.M. Ham, inspec. Levensverz.

Adresb. 1972: 1: ontbreekt; 1a: K. Hermani

1979 (art. 62521): Arend Bernhard Wayer (*1935, winkelier, x Martha Hielkema). In 1981 ged. F 2678 verkocht aan nr. 2 (zie hieronder), daarna F 3040 en 3041

 

Boteringesingel nr. 2-2a

1931: F 2677, 1981: F 3033 A1 tm A5

(art. 26088.4391): Gem. Groningen. In 1930-‘31 gebouwd door A.J. Feberwee

1931 (art. 26603): Fijbe Vogelzang (kastelein)

1932 (art. 30299): Salomon Muller (rentenier, Brussel)

Adresb. 1933: 2: B. Middel (bloemist), A. Bloemendal (handelsr.); 2a: A. Hulzebos, timmerm.

Adresb. 1938: 2. P.H.G. Kremer, tandarts; 2a. A. Hulzebos, Mr. R. ten Kate, adv.-proc., mej. C. Schotvanger, onderw. Bewaarschool.

In ’42 naar Niederländische Grundstückverwaltung Den Haag

Nationaal Archief : Verkoopprijs: ƒ17.000,- Koopdatum: 9-9-1942

1942 (art. 35003): Hendrik Harmannus Frieling (landb. Nieuwolda) en Klaas Coenraad v.d. Hof (insp. Politie, Nieuwolda)

1943 (art. 28466): Andries Wagenborg (kuiper)

1944 (art. 35586): Pieter Hein Westra (koopman, Leiden, later Haarlem).

Adresb. 1950-’51: 2: mej. J. Kloppenburg (ler. RHBS), M. Wolfis (werkster); 2a: I. Bol (schilder), W. Bronsema (onderwijzeres)

In 1952 Vonnis van Rechtsherstel:

1952 (art. 36328): Salomon Muller (rentenier, Brussel)

1954 (art. 39320): William Renkema (electrotechn.), later wed. Trientje v.d. Veen en dch. Renkema

Adresb. 1958 tm i.e.g. ‘68: 2: W. Renkema, winkelier electr. art.; 2a: mw. A. v.d. Werff-v.d. Beek (pensionhoudster); 1958 tm ’64: mw. H.M. Boverhof (kl.onderwijzeres); in ’61 ook: mej. B. Renema (apoth.ass.) ; in ’61 en ’64 ook: mej. J. E. Veening (kleuteronderw.); in ’64 en ’68 ook: mej. Joh.H. Cannegieter (ler. Huish.sch.)

Adresb. 1972: 2: W.J. Renkema; 2a: A. v.d. Werff-v.d. Beek

1981 (art. 66168): VvE nr. 2 en 2a

Nr. 2a: 1981 (art. 66175): Hanneke Sofie Wijnker (*1960) (woont er). Koopt in 1981 ook ged. F 2678 (zie bij nr.1), dit wordt F 3039= Noorderbinnensingel= schuur: F 3039

1981 (art. 74169): Froukje Grietje Klijnstra (*1952) (woont er)

 

Boteringesingel nr. 3

1931: F 2676, 1982: A 3047A1 en A2

(art. 26088.4476): Gem. Groningen. In 1930-‘31 gebouwd door A.J. Feberwee

1931 (art. 30027): Albert Jan Feberwee (architect). In NvhN 17-10-1931 kondigt hij verhuizing kantoor vanuit Oosterstr. 48a naar Boteringesingel 3 aan. (zie ook NvhN 22-9-1932).

In het Nieuwsblad van het Noorden, 8-5-1937 kondigt hij vertrek van zijn kantoor aan:

Nieuwsblad van het Noorden, 8-5-1937

Adresb. 1938: 3:-

1941 (art. 33906.9): Jan Bosma (reder) (woont er niet)

1942 (art. 35047): Johan Christiaan Diderich (schoenw.) (woont er niet)

1949 (art. 33739): Aaldert Nijland (stucadoor) x1940 Helena Margaretha Jantiena Bonninga

1950 (art. 37118): Nicolaas Mulder (*1895, reder) x Aaltje de Boer (*1909) (woont er)

Adresb. 1950-’51: 3: S Zuidersma, dir. Assurantie-bedr. Varia-Verz.Mij.; 3a: B. ter Borch, vakbond-secr.

Adresb. 1958 tm i.e.g. ‘64: 3: Onderlinge Vereniging voor Ziekenhuisverpleging v.d. prov. Groningen OVZG; 3a: N. Mulder, reder; in ’61 en ’64 ook: mej. A. de Boer, huishoudst.

Adresb. 1968: 3: -; 3a: mej. A. de Boer (huish.), N. Mulder (reder)

Adresb. 1972: 3: A. de Boer; 3a: L. Lieftinck, RM Beed Scheepsmak.

1975 (art. 54256): Hans van Oven (*1945, tandarts)

1982 (art. 68434): VvE 3 en 3a

1982 (art. 68435): Aafje Rugge, wed. Max van Oven (*1902) en Elizabeth Danielle van Gorp (woont er) (elk ½)

Nr. 3: 1982 en 1985 (art. 68736): Marc Frans Marie van Dooren (*1956) (woont 3a)

 

Boteringesingel nr. 4

1931: F 2675

(art. 26088.4391): Gem. Groningen. In 1930-‘31 gebouwd door A.J. Feberwee

1931 (art. 29979): Joseph Westermann (manufacturier, +1936), later wed. Anna Cecilia Brentano en 3 knd en 4 kleinknd Tromp (woont er niet)

Adresb. 1933: 4: J. Westerman, lid Fa. Rost-Muller en Co

Adresb. 1938: 4: wed. A. Wersterman-Brentano

Adresb. 1950-’51: 4: H. Sl;inger, manufactr.

Adresb. 1958 tm i.e.g. ‘72: 4: J. Tammes, reder

1953 (art. 34940): Jan Tammes, later wed. Grietje Johanna de Wit (*1922) (woont er)

Adresb. 1972: 4: ook: Ned. Ver. V. Huisvr., J. Tammes

1974 (art. 52652): Catharina Elisabeth Gezina Tammes (*1943, x Gerrit Egbert Moorlach) en Tonnis Pieter Tammes (*1947)

 

Boteringesingel nr. 5

1931: F 2674

(art. 26088.4391): Gem. Groningen. In 1930-‘31 gebouwd door A.J. Feberwee

1931 (art. 17251): Rudolf Jacobus Croon (winkelier, L’warden. Later Haarlem), later wed. Maria Helena Dols en knd. Croon

Adresb. 1933: 5: R.J. Croon

Adresb. 1938: 5: Th.W.F. Pastoors, ontv. Reg. en Dom

Adresb. 1950-’51: 5: L. Kuiper (kantoorbed.), mej. N. Tonckens (directr. Univ.Museum en bibl.).

1955 (art. 39379): Steffen Schillern (afdelingschef) (woont er)

Adresb. 1958 tm ‘72: 5: S. Schillern, kantoorbed.

 

Boteringesingel nr. 6

1931: F 2673

(art. 26088.4391): Gem. Groningen. In 1930-‘31 gebouwd door A.J. Feberwee

1931 (art. 23065): Theodoricus Faber (confectiefabr.) (woont er niet)

Adresb. 1933 tm i.e.g. ’38: 6: Th. Faber, confectiefabr.

1941 (art. 31051): Harm Bosma (koopman) (woont er niet)

1949 (art. 37062): Wolbert Smid (*1905, reder; woont er) en Edzo Smid (*1942)

Adresb. 1950-’51: 6: M. Veenstra

Adresb. 1958 tm ‘72: 6: W. Smid, scheepsreder

1980 (art. 63582): Franciskus Wilhelmus Siero (*1947, x Maria Hendrika Theresia Heymerikx)

 

Boteringesingel nr. 7

1931: F 2672

(art. 26088.4439): Gem. Groningen. In 1930-‘31 gebouwd door A.J. Feberwee

1931 (art. 29971): Anne Bergsma (arts), later wed. Hendrika van Dijk (5/9) en 8 knd. (elk 1/18)(woont er)

Adresb. 1933 tm i.e.g. ’50-‘51: 7: A. Bergsma, Med.Docts. Arts

Adresb. 1958: 7: J. Bergsma (arts), mw. H. Bergsma-van Dijk

Adresb. 1961: 7: J. Bergsma (arts), mevr. H. Bergsma-van Dijk, A.H. Bergsma, P. Heidema (werkt. Bouwk.)

Adresb. 1964: 7: mevr. H. Bergsma-van Dijk mej. Dr. M.J.C. Hellema (arts), P. Heidema (werkt. Bouwk.), Dr. P.M. Kampman (arts), mevr. A.B.L. Seekles

Adresb. 1968 en ’72: C.Joh. Bergsma, mevr. H. Bergsma-van Dijk; in ’68 ook: P. Heidema, werkt.bouwk.; in ’72 ook: M. Hovenga

1977 (art. 58334): Cornelis Johannes Bergsma (*1941, leraar) (woont er)

2013: Hooijkaas IT Consultancy

nu: De Hosson Medical

 

Boteringesingel nr. 8

1932: F 2671

(art. 26088.4696): Gem. Groningen. In 1930-‘31 gebouwd door A.J. Feberwee

1931 (art. 30208): NV Rotterdamsche Verzekering Sociëteiten (RVS). In 1932 bijbouw, daarna F 2671

Adresb. 1933: 8: P.L.M. Korink, assured.

Adresb. 1938: 8: drs. J. Sluiter, dir. Bijkantoor Levensverz. RVS

Adresb. 1950-’51 tm i.e.g. ’58: 8: Dr. J.W. van Rooy, (huis)arts

1961 (art. 42682): Johan Anton Leezenberg (arts) (woont er)

Adresb. 1961: 8: J.H. Leezenberg, arts

1963 (art. 43604): Peter Marius Kampman (arts) (woont er)

Adresb. 1964: nr. ontbreekt

Adresb. 1968 en ’72: 8: P.M. Kampman (arts); in ’68 ook: mej. A.B.L. Seekles

1975 (art. 54926): Maatschap Maatman en Van Messel (dierenartsen) (Theodorus Johannes Dominicus Straatman en Maarten Abraham van Messel; wonen er niet)

nu: ‘Dierenartsen Noorderplantsoen’

 

Boteringesingel nrs. 9 en 10

F 1413: F 1804, 1904: F 2015, F 2719= bouwterrein

(art. 8210.334 en 297/13354/17475/19578/26088.4965/30600.1691): gem. Groningen. In 1932-’33 gebouwd door Van Wijk en Broos. In 1933 wordt het in 2 percelen verkocht:

 

Boteringesingel nr. 9

F 2719, 1933: F 2738

(30600.1691): gem. Groningen. In 1932-’33 gebouwd door Van Wijk en Broos.

1933 (art. 30733): Douwe Siebe Heinsma (leeraar)

Adresb. 1933: 9: –

Adresb. 1938 tm i.e.g. 1950-‘51: 9: D.S. Heinsma, leraar GHBS

1953 (art. 38321): Sisca Johanna van Bruggen x Theodorus de Haas (koopman) (wonen er)

Adresb. 1958: 9: T. de Haas, installat.

Adresb. 1961 tm ‘72: Th. de Haas (koopman), L.H. Datema; in ’61 ook: mej. A.E. Huisman; van ‘64 tm ‘72ook: Eerste Gron. Stook Centrale

1976 (art. 55748): Henri (‘Hans’) Hamburger (*1930 Nijkerk, wetensch. Hoofdmedew. Slavische talen) x Elisabeth Hendrika Verhagen (woont aanv. Eelde)

 

Boteringesingel nr. 10

F 2719, 1933: F 2737

(30600.1691): gem. Groningen. In 1932-’33 gebouwd door Van Wijk en Broos.

1933 (art. 19364.11): Laurens Hendrik(us) Jozef Wachters (meubelfabr.)

Adresb. 1933: 10: –

Adresb. 1938: 10: L.H.J. Wachters

Adresb. 1950-’51: 10: H.J. Kremer, wed. J. Groeneveld-Zwaneveld

1955 (art. 39638): Wealtje Hendrik Roelfs (reder)

Adresb. 1958 tm i.e.g. ‘64: 10: W.H. Roelfs, reder; in ’61 en ’64 ook: H.W. Roelfs

1963 (art. 43792): Freerk Bartelds (fabrikant)

1966 (art. 45268): Alexander Jan Massink (arts, x Eenje Hendrika Fenna Poppens)

Adresb. 1968 en ’72: 10: A.J. Massink, arts

1974 (art. 52561): Hendrikje Schuil, wed. Jan van Dijk (*1941)

1981 (art. 65309): Antonius Gerardus Dijkman (*1937) (woont er)

 

Boteringesingel – geen nr.

1883: F 1414, F 1803 school, 1904: F 2014, 1930: F 2633, 1930: F 2635, 1932: F 2718= bouwterrein

(art. 8210.334 en 297/13354/17475/19578/26088.918 en 4964/30600.1690): gem. Groningen. In 1882-’83 gebouwd als Hulpschool gemeente (Arch.: dir. GW: Arie Schram de Jong), daarna F 1414.

In 1897 ‘gegeven’ aan ‘Vereeniging van Industriëlen en Werkbazen ter bevordering van Ambachtsonderwijs’. Ambachtsschool verhuist in 1924. Waarschijnlijk in 1924 ook gesloopt.

In juni 1932 gekocht door Kuiler en Drewes.

 

Boteringesingel nr. 11

1933: F  2735

(30600.1842): gem. Groningen. Gebouwd 1932-’33 door Kuiler en Drewes.

1932 (art. 30613): Elzart Werkman (kassier)

Adresb. 1933: 11: –

Adresb. 1938: 11: A.J. Hogema, manager

1940 (art. 33893): Jan Harmannus Nubé (onderwijzer), wed. Marchien Weggemans

1950 (art. 37423): Gerard Heinrich Joseph de Haan (bedrijfsleider) (woont er)

Adresb. 1950-’51: 11: G.H.J. de Haan, bedrijfsleider

1951 (art. 37773): Hendricus Dominicus Abeln (koopman)

Adresb. 1958 tm ‘72: 11: J.G. Wortelboer, textielh.

1976 (art. 55452): Johannes Gerhardus Wortelboer (*1919, ondernemer, x Josephina Dorothea Johanna van Erp) (wonen er)

1986 (art. 74631): Doewe Albert Jacobus Hoving (*1952)x Mansueta Johanna Maria Durenkamp (*1953) (wonen er)

 

Boteringesingel nr. 12

1933: F 2734

(30600.1842): gem. Groningen. Gebouwd 1932-’33 door Kuiler en Drewes.

1932 (art. 28896.3): Harm Jonker (betonfabr.)

Adresb. 1933: 12: H. Jonker, dir. Eerste Gron. betonb.

1934 (art. 31364): Klaas Werkman (kassier) (woont er)

Adresb. 1938: 12: K. Werkman, kassier

1940 (art. 34140): Dirk Willem Frouwinus Weggemans (arts) (woont Roden)

Adresb. 1950-’51: 12: wed. J. Boswijk-Karel, wed. J.C. Hiebendaal-v.d. Weide

1951 (art. 37564): Jan Jannes Boer (afd.chef Bureau Voedselcomm.) (woont er)

Adresb. 1958 tm ‘72: 12: J.J. Boer, bureauchef Voedselcomm

 

Boteringesingel nr. 13

1933: F 2733

(30600. 1842): gem. Groningen. Gebouwd 1932-’33 door Kuiler en Drewes.

1932 (art. 30612): Jan Weert (fouragehandelaar) (woont er)

Adresb. 1933 tm i.e.g. 1950-‘51: 13: NV Handel Mij. Fourageh. v.h. K. en J. Weert (vanaf ’38 ook: J. Weert, fouragehandel, in 1950’51 ook: P.K. Weert)

1954 (art. 38999): Pieter Karel Weert (koopman) (woont er)

Adresb. 1958: 13: P.K. Weert, grossier automat.

1959 (art. 30473.4): Pieter Hoekstra (boekhouder en winkelier, +1979) (woont er)

Adresb. 1961 tm ‘72: P. Hoekstra (boekh.), mej. J. Uuldriks (winkeljuff.); in ’61 en ’64 ook: mej. E.A. Visser; in ’68 ook: mej. G.L. Mulder; in ’72 ook: S.F. Picad

 

Boteringesingel nr. 14

(1883-i.e.g. 1943: geen nr.): 1883: F 1415, 1930: F 1857, F 2717, 1998: F 3223, 1998: F 3226, 2016: F 3573

(art. 8210.334/13354/17475/19578.413/26088.919 en 4963): gem. Groningen.

In 1882-’83 gebouwd (Arch.: dir. GW: Arie Schram de Jong): ‘school der 2e klasse’ (zie kaart boven)

1921: School XXI (maart) en XXII (september), in 1947 wordt XXII: Thorbeckeschool,  tot 1970

Nieuwsblad van het Noorden, 14-7-1970

Adresb. 1964 en ‘68: 14: Thorbecke-school, openb. L.o.

Adresb. 1972: nr. ontbreekt

Vanaf ?: Hanzehogeschool (Frank Mohr Instituut)

2017: Prima Personeel (Bastiaan Last) (DvhN 22-2-2017)

Plan verbouw tot 4 appartementen 2017. Verbouw: 2019 tm….

Boteringesingel in 1923 met links nr. 14 en 15 (coll. Gr. Arch.)

 

Boteringesingel- oude nr. 15

(tot i.e.g. in jaren 30: Nw. Boteringestraat): F 1413, later F 1752, 1898: F 1856 ( zie bij Noorderbinnensingel)

School gebouwd in 1897. Wordt na bouw in 1998: F 1856

Boteringesingel 15 in jaren 20

School der 1e klasse, 1921: School V voor VGLO, daarna naar Prinsenstraat. Dan XV en XVI.  XVI wordt opgeheven in 1932:

Nieuwsblad van het Noorden, 2-8-1932

1947: Klaas de Vries-school voor jongens/ VGLO, LEAO sept. 1937 (?)- i.e.g. 1986

Adresb. 1964 en ‘68: 15: Klaas de Vries-school, openb. Vglo

Adresb. 1972: nr. ontbreekt

Gesloopt 1997. Nu: Noorderbinnensingel 11 (zie daar)